Al vanaf 2008 wordt het voortbestaan van de unieke vloot van Nederlandse zeegaande zeilschepen bedreigd omdat de scheepvaartautoriteiten van drie landen (Nederland, Duitsland en Denemarken) het niet eens kunnen worden over de -puur bureaucratische- vraag hoe deze schepen gecertificeerd moeten worden.

Inmiddels 8 jaar lang voeren niet alleen de scheepvaartautoriteiten van deze drie landen, maar ook de Tweede Kamer, rechtbanken in binnen- en buitenland, het Europees Parlement en de Europese Commissie over de hoofden van de eigenaren van deze schepen een onwezenlijke discussie over de vraag over welke papieren deze schepen aan boord moeten hebben om (onder meer) in Duitsland en Denemarken te kunnen varen.

Het hele dossier beslaat inmiddels tienduizenden pagina's, heeft eigenaren en overheden honderdduizenden euro's gekost en het einde is nog lang niet inzicht.

Let wel: deze discussie gaat niet over de veiligheid van deze schepen (de Nederlandse zeilvloot heeft op het gebied van veiligheid een prima staat van dienst), maar uitsluitend over papierwerk.

Door deze hele gang van zaken verkeren de eigenaren van deze schepen al 8 jaar lang in grote onzekerheid over de toekomst van hun onderneming. Bovendien zijn door deze onzekerheid schepen moeilijk verkoopbaar, kunnen er geen nieuwe schepen meer gebouwd of bestaande schepen verbouwd worden, worden investeringen uitgesteld en komt zelfs de veiligheid van schepen en opvarenden zo langzamerhand in het gedrang.

Een bijkomend probleem is dat de technische wet- en regelgeving voor deze schepen door de Nederlandse toezichthouders zo extreem zwaar is gemaakt, dat het in de vaart brengen van nieuwe schepen, maar ook het moderniseren van bestaande, vrijwel onmogelijk is.

Op deze site vind u een overzicht van deze problematiek en over de rol die verschillende Nederlandse en buitenlandse instanties in deze tragedie spelen.